Een tijdje geleden vroeg iemand mij hoe ik in aanraking was gekomen met het inzetten van honden in mijn werk. Toen ik over het antwoord nadacht, kwam ik tot de conclusie dat ik in mijn jeugd al zag wat het effect van honden op mensen was, zonder dat ik het wist.

Toen ik een opleiding voor mijn werk volgde, was er op een middag een bijeenkomst over een bepaald thema georganiseerd. Dit werd voor mij een hele bijzondere bijeenkomst. We werden teruggebracht naar de herinneringen aan onze jeugd. We werden gevraagd ons te herinneren waar en waarmee we vroeger het meeste speelden. Bij de een kwam de herinnering naar boven aan het spelen met poppen, de ander dacht terug aan het slootje springen en boompje klimmen. Weer een ander zat veel met zijn/haar neus in de boeken en de ander was in zijn jeugd veel met sport bezig.

In mijn jeugd was ik vaak bezig met honden. Ik spaarde ansichtkaarten van rashonden en wist alle rassen te benoemen. En omdat ik zelf geen hond mocht, wandelde ik veel met de honden van één van de juffen van school. Zij en haar man hadden een aantal honden, waar ik bijna dagelijks mee wandelde en waar ik voor zorgde als zij weg waren. Soms gingen er vriendinnetjes mee, vaak was ik alleen. Ik zwierf met de honden door de weilanden, naar het Slotermeer, door het dorp. En toen ik daaraan terugdacht, bedacht ik me dat ik in die tijd al één iemand blij maakte met een hondenbezoek.

Aan het einde van een lange wandeling met de honden, ging ik steevast langs bij mijn beppe, die bij ons in het dorp woonde. Zij werd door veel dorpelingen beppe Tiedel genoemd, vernoemd naar de vele honden die zij vroeger opving waarvan een aantal de naam Tiedel kregen. Beppe Tiedel stond er vroeger al vroeg alleen voor, aangezien haar man, mijn opa, een hartkwaal had en op relatief jonge leeftijd overleed. Naast het runnen van een gezin met 9 kinderen werkte ze in de huishouding van andere mensen en werkte ze als knecht op de boerderij (wat natuurlijk mannenwerk was). Hoewel het gezin moeilijke tijden doorstond, was er plek voor iedereen. Niet alleen voor de kinderen van dorpsgenoten, waar tijdelijk niet voor  gezorgd kon worden, maar ook voor honden, die nergens anders terecht konden.

Beppe Tiedel vond het geweldig als ik weer met de honden op haar stoep stond. Ze ging ze altijd bij langs, kende ze bij naam en gaf ze wat lekkers. Het bracht haar weer even terug naar de tijd waarin ze zelf nog actief in het leven stond en zoveel had te geven. Het gaf haar de gelegenheid de liefde die ze voor honden had weer even te delen. Het werden momenten waar ze naar uitkeek, die haar blij maakten..

Na de bijeenkomst van de opleiding over de herinnering aan onze jeugd, ben ik op zoek gegaan naar informatie over het werken met honden en heb ik een opleiding gevolgd om honden in te zetten bij het coachen en begeleiden van kinderen. Een manier van werken die mij iedere keer weer versteld doet staan van de grote en kleine veranderingen die mijn honden teweeg brengen, bij mij en bij de kinderen die ik begeleid.

De cirkel is rond. Beppe Tiedel leeft helaas niet meer.  maar zij heeft mij, zonder dat ik het wist, gewezen op de bijzondere relatie en het bijzondere effect van honden op mensen. En daar ben ik haar erg dankbaar voor.

One Response to “Hondenbezoek”

  • Wat een prachtige erfenis, Cynthia! Heeft die beppe van jou indirect toch stiekem nog veel meer kinderen geholpen dan ze zelf wist. En nog.

    (ps: sprankelkaartjes zijn onderweg!)

Geef een reactie