Oplossingsgericht werken

 

Denken en werken volgens het oplossingsgerichte model is ontstaan uit de psychotherapie, en wordt inmiddels al jaren succesvol ingezet in coaching en onderwijs. Het oplossingsgericht werken is toegankelijk en toepasbaar voor mensen van alle leeftijden.

De grondleggers van het oplossingsgericht werken zijn Steve de Shazer en Insoo Kim Berg. Zij waren psychotherapeuten en kwamen erachter dat in plaats van het blijven praten over problemen, juist het praten over kleine succesvolle momenten de cliënten stimuleerden om over oplossingen te praten.

Het oplossingsgericht werken (OW) gaat uit van wat er op het moment al is, en richt zich op de gewenste toekomst, met als doel het vinden van oplossingen. Anders dan het denken vanuit het Medisch Model (‘de oplossing van de problemen ligt in de oorzaak en de specialist weet wat goed is voor de cliënt) gaat het OW er vanuit dat de cliënt expert is in zijn eigen situatie en dat de cliënt de oplossing zelf in pacht heeft.

Vanuit een samenwerking met de cliënt wordt onderzocht wat de gewenste toekomst van de cliënt is, welke kwaliteiten de cliënt heeft, welke successen eerder hebben plaatsgevonden om zo tot een oplossing te komen die realistisch is en bij de cliënt past. Door deze respectvolle benadering en de doelgerichte interactie, staat het OW bekend als een kortdurende therapie of coaching die werkbare oplossingen oplevert. De cliënt houdt daarbij zelf verantwoordelijkheid en blijft zelf eigenaar bij het ontwikkelen van de gewenste veranderingen.

OW heeft een aantal belangrijke uitgangspunten:

  • Als iets niet werkt, stop er dan mee en doe iets anders
  • Als iets werkt, doe er meer van
  • Wat niet ‘kapot’ is, hoeft niet gerepareerd te worden

 

  • Geen enkel probleem is er altijd: in de uitzondering bevindt zich de sleutel tot de oplossing.
  • Het is niet persé noodzakelijk de oorzaken van het probleem te onderzoeken; er geen noodzakelijk verband tussen oorzaken, problemen en hun oplossing.
  • De cliënt bepaalt zelf zijn doel.
  • Praten over problemen veroorzaakt problemen, praten over oplossingen levert oplossingen op.
  • De cliënt bezit alle kwaliteiten al om tot een oplossing te komen.
  • Kleine verandering in de goede richting kunnen al een groot effect hebben.

 

Instrumenten (‘Tools’)

OW werkt vanuit een geheel ander principe dan andere modellen. Om oplossingsgerichte interventies te doen, zet het OW oplossingsgerichte instrumenten (‘tools’) in. De meest belangrijke zijn:

 

1. Oplossingsgericht taalgebruik

Probleemgericht taalgebruik is anders dan de taal van oplossingen. Binnen het OW wordt dit ‘problemtalk’ en ‘solutiontalk’ genoemd. Praten over problemen creëert nieuwe problemen, praten over oplossingen creëert oplossingen. Probleemgerichte taal is meestal negatief, gaat over het verleden om te proberen de oorzaken van het probleem te begrijpen. Hierdoor lijkt het dat de problemen zich altijd voordoen. Oplossingsgericht taalgebruik is een stuk positiever, geeft meer hoop en is gericht op wat de cliënt in de toekomst wil bereiken. Hierdoor krijgt de cliënt het vertrouwen dat de situatie veranderbaar is. Taal is de belangrijkste interventie binnen het oplossingsgericht werken.

 

2. Oplossingsgerichte, gezamenlijk opgestelde doelen

In het OW zijn duidelijke, concrete en meetbare doelen belangrijk. Deze doelen moeten zinvol zijn en worden in samenwerking met de cliënt gesteld. Het is belangrijk dat er zicht is op de mogelijkheid dat er een oplossing wordt gevonden, het is belangrijk om te weten wanneer de cliënt het doel behaald heeft. De cliënt bepaalt samen met de coach of therapeut wanneer het probleem voldoende is opgelost en de cliënt genoeg zelfvertrouwen heeft om verder, voorbij het probleem, te gaan. Wanneer dit helder is kan de therapie of coaching kortdurend zijn en worden de al behaalde succesvolle veranderingen snel duidelijk.

 

3. Schaalvragen

Een doelgericht en redelijk makkelijk toepasbaar instrument is het schalen. Wanneer de situatie op een schaal van 1 tot 10 een cijfer krijgt, wat zelfs kinderen op jonge leeftijd kunnen, is de cliënt in staat om zelf een inschatting te maken van zijn/haar situatie over verschillende onderwerpen die hem/haar bezighouden. Dit instrument helpt om bruikbare informatie boven tafel te krijgen die belangrijk is bij het bepalen van de gewenste situatie, de te nemen stappen en de eerder behaalde (en helpende) successen.

 

4. De Wondervraag

De wondervraag is nog zo’n bijzondere interventie. Wanneer cliënten het moeilijk vinden om te beschrijven wanneer een ontwikkeling succesvol is geweest, biedt de wondervraag een mogelijkheid. De wondervraag helpt de cliënt de gewenste situatie voor ogen te krijgen en daarbij de eerste stappen op weg naar oplossingen te benoemen. Zonder de immensiteit van het probleem te onderschatten of ondermijnen, nodigt de wondervraag de cliënt uit zelf kleine realistische, bij de cliënt passende stapjes te zetten in de richting van de gewenste toekomst. De cliënt vormt zich een beeld van hoe de oplossing eruit zou kunnen zien én het helpt de cliënt stapsgewijs het probleem te overwinnen door haalbare acties te ondernemen.

 

5. Vragen naar uitzonderingen

Geen enkel probleem is er áltijd. De momenten dat het probleem minder of niet aanwezig is, worden in het OW de uitzonderingen genoemd. En aangezien er momenten zijn waarop het probleem zich niet voordoet, geeft het hoop op verbetering wanneer deze momenten uitvergroot en geanalyseerd worden.  En juist in deze uitzonderingen bevindt zich belangrijke informatie over mogelijke oplossingen.

 

6. Complimenten

Het compliment is de rode draad in het oplossingsgericht werken. Door de zwaarte van het probleem te onderkennen en herkennen én positief bevestigen van wat de cliënt al goed doet, wordt de cliënt bemoedigd en gemotiveerd tot verandering. Complimenten maken de dingen die al goed gaan steviger.

 

Oplossingsgericht werken is een prachtige manier om met kinderen te werken, omdat het uitgaat van de kwaliteiten en mogelijkheden van kinderen en jongeren. Binnen het oplossingsgericht werken worden problemen gezien als vaardigheden die nog niet aangeleerd zijn. Het aanleren van deze vaardigheden betekent dus het overwinnen van problemen!